Review Alcatraz Hard Rock & Metal Festival 2014: dag 2

Datum: 
zaterdag, 9 augustus, 2014

Voor het tweede jaar op een rij werden rock- en metalliefhebbers uitgenodigd op het terrein van Vives campus Kortrijk. Dit jaar bestond het Alcatraz Hard Rock & Metal Festival voor het eerst uit twee festivaldagen. Zou dit het festival ten goede komen en zou er op de affiche voldoende volk afkomen? Onze ondervinding is volmondig ja. Zowel dag 1 als dag 2 wist de bezoeker van het festival te overtuigen. Niet alleen dankzij de diverse line-up die was samengesteld, maar ook door de sfeer en gemoedelijkheid dat het festival en de (bovendien professionele) organisatie uitstraalt. Horns up, zei mascotte Officer Nice, dat gebeurde 2 dagen lang in Kortrijk.

Voor dag twee kregen we opnieuw een gevarieerde line-up voorgeschoteld, hoewel er opmerkelijk veel thrash metal was. Opener Four By Fate hebben we gemist, maar we zagen wel nog, verrezen na twintig jaar stilte (even een kleine reünie in 2007 vergeten), de progressieve thrash metal van Toxik. De nieuwe CD ‘In Humanity’ zou eind 2014 moeten verschijnen en Toxik gaf reeds een voorsmaakje door twee nieuwe nummers te spelen, ‘Breaking Class’ en ‘Too Late’. Voorts werd er vanzelfsprekend geplukt uit de twee klassiekers die de New Yorkers eind jaren ’80 uitbrachten, namelijk ‘World Circus’ en ‘Think This’.

Ouderwetse krakers zoals bijvoorbeeld ‘Spontaneous’, ‘Heart Attack’, ‘Greed’, ‘Haunted Earth’, ‘False Prophets’ en slotnummer ‘Think This’ deden de hoofden stevig schudden en de eerste bescheiden moshpits van de dag waren een feit. Opmerkelijk: aan de merchandise stand deed Toxik goede zaken, want in tegenstelling tot de andere groepen werd er geen 25 tot 30 euro gevraagd voor een t-shirt, maar slechts 15 euro en erbovenop kreeg je nog een code om drie nieuwe songs op de website van Toxik te downloaden. Hulde!

Alcatraz heeft ondertussen een stevige traditie om old school thrash een prominente plaats te geven op de affiche. Opnieuw van dat, het Britse Xentrix mag dan voor de meeste metalfans een nobele onbekende zijn, in de middens van de met patches en spandex beklede thrashers staat de naam garant voor een vroegtijdige ejaculatie.

Met een furieuze en strakke set bewezen ze dat er naast Onslaught nog andere bands zijn die thrash in het Verenigd Koninkrijk op de kaart hebben gezet. En toegegeven, het klinkt bij momenten echt wel iets te veel als de oude Metallica en de songs zijn onderling inwisselbaar maar op het uur van de dag was dit de perfecte band om het publiek bij de les te houden. Xentrix zal ten eeuwigen tijde verbonden blijven met hun interpretatie van de Ghostbusters theme maar met songs als ‘Dark Enemy’, ‘No Compromise’ en ‘Crimes’ bewijzen ze dat ook zij een plaats verdienen in de eregalerij van de de eighties.

Op 29 juli ging Festivalblog nog naar een clubshow van Prong in Rotterdam kijken (lees hier de review), maar ook op Alcatraz stonden Tommy Victor en zijn twee jonge kompanen geprogrammeerd om een stevig potje groove metal open te trekken. De vuisten van het publiek gingen dan ook gewillig de lucht in bij rampetampers als ‘Whose Fist Is This Anyway?’, ‘Snap Your Fingers, Snap Your Neck’ (waarbij Mikey en Seven van Channel Zero wat guest vocals kwamen verzorgen), ‘Unconditional’ en ‘Revenge… Best Served Cold’.

"From the ashes of a corrupt and dying World, They rise like a phoenix, A godless entity, They are the Khaos Legions". Dit is de tekst van de stilaan klassieke opener van menig Arch Enemy optreden en de intro van het vorige album, ‘Khaos Legions’. Het vermelden waard, want dat was het laatste met de blonde Angela Gossow als zangeres.

De, het moge gezegd, zéér uitgebreide tournee waar de band mee bezig is dient vooral om de nieuwe zangeres te introduceren aan de fans. Hopelijk winnen ze er in één vlotte beweging meteen ook nog wat nieuwe zieltjes bij. Onder de indruk van de vocalen op de nieuwe plaat ‘War Eternal’, zakten we af naar Kortrijk om de proef op de som te nemen. Vergelijkingen met vorige bandleden zijn altijd moeilijk en slaan eigenlijk nergens op, want je moet met de nieuwe toch door. Edoch, de vrees zat er toch in dat niemand het niveau van de vorige kan halen, al had die dan zelf haar opvolgster uitgekozen. Maar: we hadden het mis! Alissa White-Gluz stond twee minuten op het podium en we waren al verkocht! Ja ok, haar weelderige blauw-groene haardos heeft daar zeker wat mee te maken, maar rock is nu eenmaal ook voor een stuk uiterlijk vertoon. Ze blijkt geweldig knap te zijn, leuke glimlach, sympathieke interactie met het publiek, enfin, je begrijpt het: een eerste klas frontvrouw.

Dan de set. Als je begint met een meesternummer als ‘Yesterday Is Dead and Gone’, dan weet je dat je de wei in brand zet. Er waren veel fans, aan de bandshirts te zien. En die gingen uit de bol als waren ze de Khaos Legions zelve. Maar ook vele anderen lieten zich meeslepen. De die-hard Twister Sister fan keek het echter toch een beetje met lede ogen aan, en de buitenranden van de wei werden gevuld met mensen die vooral kwamen genieten van het feit dat er veel mensen samen op een wei liepen, waren niet geïnteresseerd in de muziek an sich. Ook goed.

Het titelnummer van de nieuwe plaat wordt algemeen beschouwd als het op twee na beste nummer dat Arch Enemy totnogtoe gemaakt heeft, maar werd live nog niet zo heel goed ontvangen. Wellicht omdat het nummer nog te nieuw is. Heel veel potentieel wel. ‘Ravenous’ doet het live altijd goed, maar ‘My Apocalypse’ verzoop een beetje onder de soundmix. De crowdsurfers en moshpits eisten ondertussen meer dan hun deel van de aandacht op, waardoor men eigenlijk nog met moeite op de muziek kan letten, maar constant aandachtig moest zijn om niet met een hersenschudding te moeten worden afgevoerd. ‘You Will Know My Name’, ook een nieuw nummer, stond live als een huis. Alissa had ondertussen laten horen dat ze Angela niet imiteert en nooit zal evenaren, maar dat ze meer dan haar plaats verdient aan het front van de sympathieke aartsvijanden.

Het laatste half uur was van zeer hoog niveau: ‘Bloodstained Cross’, ‘As the Pages Burn’, ‘Dead Eyes See No Future’ en ‘No Gods, No Masters’ behoorden individueel tot de sterkste nummers van de hele dag, en dan moesten de publiekslievelingen nog komen. Er werd namelijk traditioneel afgesloten met hun twee bekendste nummers: ‘We Will Rise’ en ‘Nemesis’. Iedereen in het schuim en het zweet, omkomend van honger en dorst en geen stem meer, maar meer dan voldaan. Een topmoment in het bestaan van de stad Kortrijk.

Nog een extra vermelding voor de instrumentale afsluiter ‘Fields of Desolation’: Hier mag grootmeester en founding member Michael Amott nog eens extra uitpakken met zijn heerlijke gitaarsound. Meer dan wat ook, is het dit geluid die van Arch Enemy een wereldband maakt! Respect!

Sacred Reich was vandaag de tweede band die er in slaagde om een moshpit te creëren die bestond uit meer dan drie doorzopen bezoekers. Frontman Phil Rind mag dan wel ettelijke kilo’s aan zijn torso hebben toegevoegd, het heeft niet het minste effect op zijn inzet. Het s smullen geblazen voor de aanwezigen die de jaren ’80 een warm hart toedragen. Net als Twisted Sister en W.A.S.P moet Sacred Reich het hebben van oude klassiekers maar wie maalt om nieuw werk als je kan loos gaan op nummers als ‘LoveHate’, ‘Death Squad’, ‘Who’s To Blame’ of ‘Free’? De obligate Black Sabbath cover ‘War Pigs’ werd massaal meegebruld en in de voorspelbare toegift ‘Surf Nicaragua’ werd menig tandartsbezoek voorbereid. Een sterke set van een band die met beide voetjes op de grond staat.

Vorig jaar viel het optreden van Channel Zero in het water door het plotse overlijden van drummer Phil B. Het concert in Kortrijk begon toepasselijk met één minuut stilte als eerbetoon aan de grote vriendelijke reus Phil. Ondertussen heeft de Belgische metal-trots een doorstart gemaakt, met de nieuwe CD ‘Kill All Kings’ die in april jongstleden verscheen, heeft men Seven Antonopoulos als live-drummer geëngageerd en was er op Alcatraz 2014 een mooie co-headliner positie voor Channel Zero gereserveerd. Maar het bleek ijdele hoop om dan wat extra’s te verwachten. Geen Marcel Coenen als tweede gitarist zodat er wat oude nummers van de beginperiode konden gebracht worden en dus werd er meermaals geplukt uit ‘Kill All Kings’, zoals ‘Electronic Cocaine’ en ‘Duisternis’, aangevuld met enkele niet te versmaden singles zoals ‘Suck My Energy’, ‘Fool’s Parade’, ‘Hot Summer’, ‘Help’ en uiteraard ‘Black Fuel’ als slotakkoord. Bij dat laatste nummer ging zanger Franky DSVD trouwens een rondje maken over het terrein, met tussenstop aan het podium voor gehandicapten. Het bleek een goede zet op vlak van publieksbinding, maar rijkelijk te laat, want de rest van het concert was er geen geweldige klik tussen groep en publiek. Een beetje een gemiste kans dus. Hoewel er op veel sympathie kon gerekend worden toen Franky ook een kleine jongen op zijn arm nam en zo even rondliep en zong. Over de aaneenrijging van de nummers kan gediscussieerd worden, de ene persoon zou het volkomen onzin vinden, de andere goed gesmaakte al dan niet flauwe humor. We hebben Channel Zero al veel beter gezien. We hadden ook het nummer 'Angel' verwacht als eerbetoon aan Phil juist omdat het hier op Alcatraz een jaar geleden was, maar jammer genoeg kregen we dit niet te horen.

Door het overaanbod van bands op Graspop moesten we W.A.S.P. in juni aan ons voorbij laten gaan maar dankzij Alcatraz kregen we een herkansing om de vunzige Amerikanen aan het werk te zien. Een W.A.S.P. show staat of valt met het humeur van Blackie Lawless en goddank was de bruggepensioneerde frontman vandaag in een uitstekend humeur. Meermaals zweepte hij het publiek zowel verbaal als met zijn sprekende blik op tot participatie.

De band startte furieus met het trio ‘On Your Knees’, ‘The Torture Never Stops’ en de The Who cover ‘The Real Me’. Het publiek kreeg nauwelijks ruimte om te ademen als vervolgens ‘L.O.V.E. Machine’ en ‘Wild Child’ op hen werd losgelaten. Na het collectief meezingmoment ‘I Wanna Be Somebody’ zakte het concert echter een beetje in onder de overdaad aan ballads. Gelukkig herpakte de band zich net op tijd en zetten ze met ‘The Idol’ en ‘Blind In Texas’ een geslaagde eindspurt in. Een geslaagd concert van deze veteranen die daardoor zelfs wegkwamen met het ontbreken van A.N.I.M.A.L (Fuck Like A Beast’) op hun setlist.

Daarmee waren we toegekomen aan de laatste band van deze editie van Alcatraz. W.A.S.P. stopte zo'n tien minuten vroeger dan hun einduur, maar Twisted Sister slaagde er toch in ruim een kwartier te laat te beginnen. België houdt van Twisted Sister en de liefde is duidelijk wederzijds. Nadat Dee Snider en zijn kompanen bijna twintig jaar onze regionen niet hadden aangedaan, staan ze nu voor de derde keer op rij op een Belgisch podium (na tweemaal Graspop). Wie dacht dat de kleinere schaal van Alcatraz een rem zou zijn op de beleving en het enthousiasme kwam bedrogen uit. Twisted Sister zorgde voor een collectief muzikaal orgasme in Kortrijk en het publiek at uit de hand van de charismatische frontman.

Met ‘Stay Hungry’ trapte de band een set af die deels in het teken stond van het dertigjarig jubileum van het gelijknamige album. De stembanden mochten daarna meteen gesmeerd worden voor ‘The Kids Are Back’ en ‘You Can’t Stop Rock ’n Roll’. De Amerikanen speelden vandaag niet alleen op safe en beperkten zich niet tot een greatest hits set, getuige daarvan is de passage van ‘Captain Howdy’ een nummer dat men zelden live brengt en dat de inspiratie vormde voor de B-film ‘Strangeland’ (met Dee in de rol van de psychopathische seriemoordenaar Captain Howdy).

Verrassend vroeg in de set werd ‘We’re Not Gonna Take It’ ingezet. Sinds Graspop 2012 mogen we dit nummer onderhand beschouwen als het officieuze Belgische metalvolkslied. Ook dit keer werd er weer zo massaal meegezongen tijdens als na het nummer dat de band verplicht was om er een extra lange versie van te spelen. Met ‘Under The Blade’, ‘The Price’, ‘Burn In Hell’ en het tot ‘I Wanna Fuck’ omgedoopte ‘I Wanna Rock’ rijfde de band daarna de buit helemaal binnen. De reguliere set werd afgesloten met een herneming van -hoe kan het ook anders- ‘We’re Not Gonna Take It’. Het publiek was echter nog niet verzadigd en werd op zijn wenken bediend met een aan hen opgedragen ‘SMF (Sick MotherFucker)’. Als slotakkoord werd de gehele crew op het podium geroepen en werd voor een laatste keer ‘We’re Not Gonna Take It’ ingezet. Band en publiek werden collectief gek en Alcatraz eindigde zoals alle goede dingen des levens moeten eindigen: met een hoogtepunt.

Geschreven door Avon Moltoy, Tim Vermoens, Jan en Rick.

Voor meer foto's, klik hierLees ook de review van dag 1.

Categorie: